Het koortsachtige behoud van wetenschap en innovatie in Oss


Onder grote belangstelling van journalistiek Nederland ging dit jaar het Life Sciences Park in Oss van start. Op het park komen kleine bedrijven die wetenschappelijk onderzoek doen. De gemeente Oss verwacht dat zo het verdwijnen van de onderzoeksafdeling van farmaceut MSD kan worden gecompenseerd. Maar bestaat er wel ruimte voor het Life Sciences Park in een stad waar nagenoeg geen wetenschappelijke fundering is?

OSS - Het begin van het Life Sciences Park in Oss is op het eerste oog een logisch gevolg van het massaontslag bij MSD in 2011. In totaal 1600 van de 4500 banen werden toen geschrapt, waarvan een groot deel was bedoeld voor wetenschappelijk onderzoek. De farmaceut vond dat het in andere landen goedkoper kon en haalde de bezem door het bedrijf. In korte tijd nam MSD zo een flinke hap uit de Osse werkgelegenheid. Er heerste in de publieke opinie dan ook enthousiasme toen de gemeente Oss en de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM) bekendmaakten dat ze met een wetenschappelijk onderzoekspark wilden beginnen. De komst van het park zou de pijn namelijk iets kunnen verzachten.

De inwoners van Oss hadden het moment niet mee. Een jaar eerder was er bij de vleesverwerker Unox ook een ontslagronde, evenals bij transportbedrijf Vos Logistics. De aangekondigde reorganisatie bij MSD kwam daardoor bijzonder hard aan op een werkbevolking van ongeveer 40.000 mensen. Want niet alleen de ontslagen bij MSD telden, ook het lokale midden- en kleinbedrijf was voor een groot deel afhankelijk van de duizenden werknemers van de farmaceut, meent wethouder Jan van Loon van Economische Zaken. Volgens hem ging het dan ook om een unieke situatie. "Er moest zo snel mogelijk worden gekeken naar hoe we de ontslagen konden opvangen."

Daarnaast was MSD voor de uitstraling naar buiten erg belangrijk voor Oss. Het bedrijf ontstond in de jaren twintig van de vorige eeuw als het voormalige Organon, waar uit de alvleesklieren van geslachte varkens insuline werd onttrokken. Later kwam daar de ontwikkeling van de anticonceptiepil en andere medicijnen bij. Sindsdien speelt het bedrijf op het wereldtoneel van de gezondheidszorg mee. Een verlies van (een deel van) MSD in Oss kan dus betekenen dat de stad niet meer prominent op de kaart staat, met als mogelijk gevolg dat er in de toekomst minder bedrijven naar Oss komen. Daar komt nog eens bij dat er in de regio verder geen sprake meer is van wetenschappelijk werk; ziekenhuis Bernhoven vertrekt begin volgend jaar voorgoed uit Oss.

Niet alle verloren arbeidsplaatsen worden gecompenseerd
De vraag is alleen of met de start van het Life Sciences Park het wetenschappelijke niveau en de reputatie van Oss als centrum van innovatie kan worden behouden. Het inzetten op kleine bedrijfjes die slechts een of twee medicijnen ontwikkelen, lijkt een tactische zet. Zij zullen de komende jaren namelijk veel wetenschappelijk onderzoek doen, weet ook Jan Pelle van de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij, die samen met de gemeente Oss is begonnen met het park. Hij verwacht dat de kleintjes de rol van de voormalige onderzoekers van MSD overnemen en dat ze hun onderzoek kunnen verkopen aan farmaceuten. "Je moet kleine bedrijven aan de slag laten gaan die in nichemarkten zitten en die gaan samenwerken met grote farmaceuten. Uiteindelijk ontstaan er zo nieuwe producten."

Een belangrijker punt waaraan echter voorbij wordt gegaan is het aantal arbeidsplaatsen dat een dergelijk park oplevert. Zowel Van Loon als Pelle zegt dat met het Life Sciences Park een deel van de innovatie in Oss behouden blijft. Zij erkennen alleen ook dat het park lang niet zoveel plek aan wetenschappers zal bieden als dat er voorheen bij MSD werkten. Naar verwachting is er plaats voor zes- tot zevenhonderd onderzoekers. Hoewel daarmee een deel van de ontslagen wordt gecompenseerd, zal er dus bij lange na niet genoeg ruimte zijn voor meer dan de helft van de verloren arbeidsplaatsen. Bovendien zal het het verwachte niveau pas in 2020 worden bereikt, aldus Van Loon.

Tenslotte is het nog maar de vraag of het geld dat in het park is gestopt, ooit terugkomt. In totaal werd er door de overheid 33 miljoen euro, de helft van de kapitaalinjectie, in het Life Sciences Park geïnvesteerd. Van Loon: "Dat was nogal wat tijdens de economische recessie. Wij hopen dat een deel van dat bedrag ooit terugkomt." Het is niet zeker of en wanneer het park ooit vol zal gaan zitten. De gebouwen die tot dan leegstaan, zullen in de tussentijd moeten worden onderhouden. Verder zal nog moeten blijken of dat grote farmaceuten geïnteresseerd zijn in wat de kleine bedrijven op het park zullen klaarspelen. Er kunnen diverse factoren een rol spelen waardoor aankopen niet doorgaan. Zo kan een farmaceut een product op dit moment niet belangrijk genoeg achten.

Verleden biedt geen garantie
De tijd zal leren of het Life Sciences Park een succes wordt. De wil van de politiek is er, maar de economie is er niet naar. Weliswaar beschikt het terrein in Oss al over apparatuur en gebouwen die direct kunnen worden gebruikt, maar zelfs dan is een startende ondernemer nog afhankelijk van zijn afnemers. Dit zou een reden kunnen zijn om voorlopig niet met een bedrijf op het Life Sciences Park te beginnen.

Bovendien biedt het verleden geen garantie voor de toekomst. Dat Organon - nu MSD - er vanaf de jaren twintig zit, komt mede door de hulp van ondernemingen die de alvleesklieren voor insuline aanleverden. Nu ontbreekt die basis volkomen. Daarnaast biedt Oss geen enkel ander wetenschappelijk bedrijf of instituut dat kan samenwerken met een klein bedrijf dat onderzoek doet naar nieuwe medicijnen. Het lijkt daarom aantrekkelijk om uit te wijken naar steden met universiteiten en academische ziekenhuizen. Alleen als de gemeente Oss en de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij die barrière weten te doorbreken, zal Oss de ontslagen in de toekomst deels kunnen compenseren.